Als iemand wil weten of een merk betrouwbaar is, is de naam van het merk of bedrijf opzoeken niet meer de eerste stap. Mensen vragen een LLM om het merk met alternatieven te vergelijken, lezen mee op Reddit, checken een paar reviewsites of kijken zelfs of het merk opduikt in een speciale AI-zoekmachine.

Daardoor is de eigen website van het merk misschien pas het vijfde of zesde contactpunt, als dat al gebeurt. Je moet dus weten hoe AI-systemen je citeren, en tegelijk het consumentenvertrouwen vasthouden dat je in de loop der tijd hebt opgebouwd.

De 5 kanalen waarlangs merkvertrouwen ontstaat voordat een bezoeker op je website terechtkomt

Vroeger liep merkvertrouwen via één kanaal: een zoekresultaat, een klik, een landingspagina, misschien een contactformulier of een download. Nu loopt het via vijf kanalen. Het grote verschil is dat je website meestal het laatste kanaal is in plaats van het eerste:

  • Door AI gegenereerde antwoorden. ChatGPT is de grens van 900 miljoen wekelijkse actieve gebruikers gepasseerd. Google AI-overzichten verschijnen inmiddels bij bijna de helft van alle bijgehouden zoekopdrachten.
  • Communityplatforms. Reddit-threads, nicheforums en LinkedIn-discussies voeden direct wat die AI-antwoorden zeggen.
  • Review- en vergelijkingsplatforms. G2, Trustpilot en Capterra leveren het soort onderling bevestigde overeenstemming waar een model met vertrouwen op kan afgaan.
  • Redactionele berichtgeving van derden. Onafhankelijke publicaties en branchesites wegen bij sommige platforms zwaarder dan de eigen pagina’s van een merk ooit zullen doen.
  • De eigen website van het merk. Dit is de laatste halte, niet de eerste. Hier komt een bezoeker pas terecht als hij zijn mening al heeft gevormd.

Wie verder kijkt, ziet dat het bereik van AI-overzichten met 58% is gestegen. Het kanaal waar een merk het minste directe grip op heeft, groeit dus het hardst. Dat geldt ook voor conversies: bezoekers die via AI binnenkomen, melden zich ongeveer 11 keer zo vaak aan als bezoekers uit traditioneel zoekverkeer. Daardoor lijkt een vermelding meer op een warme lead dan op een terloopse verwijzing.

Samen bepalen deze kanalen nu hoe een AI-platform beslist wie het citeert, dus een zwak punt in één kanaal ondermijnt de rest. Een merk met uitstekende content maar zonder aanwezigheid in communities of reviews wordt daardoor eerder op dat gat afgerekend dan op de content zelf.

Drie AI-platforms bepalen op verschillende manieren wie ze citeren

In de meeste artikelen over AI-zichtbaarheid geldt ‘genoemd worden’ als één doel, alsof optimaliseren voor ChatGPT er vanzelf voor zorgt dat een pagina ook in Perplexity of de AI-overzichten van Google opduikt. Maar elk platform haalt informatie uit een andere index, of geeft de voorkeur aan een andere mix van bronnen.

Een merk kan dus op het ene platform de vermeldingen domineren en op het andere helemaal niet opduiken, voor precies dezelfde zoekopdracht. Elk systeem stelt andere vragen, dus het helpt om te weten waar een platform naar kijkt.

ChatGPT geeft de voorkeur aan consensus tussen onafhankelijke bronnen

ChatGPT concentreert zijn vermeldingen rond een klein aantal bronnen. Wikipedia is in zijn eentje al goed voor bijna de helft van de vermeldingen in de top 10 van meest geciteerde bronnen. Dat wijst op een sterke voorkeur voor encyclopedische bronnen die elkaar bevestigen, boven wat een merk over zichzelf beweert.

Reddit volgt op ruime afstand, met zo’n 10% van datzelfde top-10-aandeel. Een goed ontvangen thread telt bij ChatGPT dus zwaarder mee dan de meeste merken denken.

Kortom: ChatGPT zoekt naar dezelfde feiten die meer dan eens terugkomen, in bronnen waar het merk geen zeggenschap over heeft. Bijvoorbeeld:

  • Een profiel op G2 of Capterra dat dezelfde kernpositionering noemt als de eigen site van het merk.
  • Een Reddit-thread of forumdiscussie waarin het merk spontaan wordt aanbevolen, en niet vanuit een marketingbriefing.
  • Onafhankelijke pers of brancheberichtgeving die dezelfde feiten herhaalt zonder dat daarom gevraagd is.

Jaag je op ChatGPT-vermeldingen door je eigen homepage op te poetsen, dan los je het verkeerde probleem op. Waar het model om verlegen zit, is externe bevestiging van je claims.

Perplexity geeft de voorkeur aan communitydiscussie en recente content

Perplexity werkt volgens een heel andere logica, want het haalt pagina’s live op en werkt niet met een vaste index. Dat zie je op twee manieren terug:

  • Een sterke concentratie op communities. Bijna 50% van de meest geciteerde bronnen komt van Reddit. Dat is precies omgekeerd aan ChatGPT, en het steekt ver boven elk ander brontype uit.
  • Een steile curve voor recente content. Content die in de afgelopen 30 dagen is bijgewerkt, wordt in ongeveer 82% van de gevallen geciteerd. Content van ouder dan een jaar nog maar in 37%.

Hieruit alleen al blijkt dat Perplexity en ChatGPT een ander soort focus belonen. Omdat Perplexity voor bijna elke prompt live het web afzoekt, ziet een merk dat zijn belangrijkste pagina’s bijwerkt het effect binnen enkele weken terug. Bij AI-overzichten, voor veel merken een belangrijk kanaal, kan het maanden duren voordat het is bijgetrokken.

Google AI-overzichten werken nog steeds op rankingsignalen, maar zijn minder voorspelbaar dan het lijkt

AI-overzichten bouwen voort op de bestaande rankingsystemen van Google, waaronder E-E-A-T en Core Web Vitals, en leggen daar een AI-samenvattingslaag overheen.

Die koppeling met ranking was doorgaans een betrouwbare voorspeller van een vermelding, maar één cijfer laat zien dat dat niet meer opgaat: nog maar 38% van de pagina’s die Google in AI-overzichten citeert, staat ook in de top 10 van organische resultaten voor dezelfde zoekopdracht. Een paar maanden eerder was dat nog zo’n 76%. Goed ranken helpt dus nog steeds, maar het garandeert geen vermelding.

Er zit bovendien een groot verschil tussen de platforms in waar ze op ‘optimaliseren’:

  • Maar zo’n 11% van de domeinen wordt door zowel ChatGPT als Perplexity geciteerd voor dezelfde zoekopdracht.
  • Ongeveer 71% van de geciteerde bronnen verschijnt alleen op ChatGPT óf alleen op Perplexity.

AI-zichtbaarheid als één doel behandelen is dus niet realistisch. Maar als je scherp bent op hoe je eigen site presteert, zet je je inspanningen per platform gerichter in.

Een trage of geblokkeerde website verliest vermeldingen nog voordat je content is beoordeeld

Ook als je het voorwerk goed hebt gedaan en content hebt gemaakt die een sterke kandidaat is voor een vermelding, ben je er nog niet. Denk aan een AI-crawler die een time-out krijgt op je site. Al dat werk ten spijt komt die vermelding er dan niet.

Dat gaat vaak mis, want AI-crawlers gedragen zich anders dan de meeste merken van een zoekmachinecrawler verwachten:

  • Ze halen pagina’s live op en niet uit een cache-index, dus een trage serverrespons telt als een mislukt bezoek, niet als een vertraagd bezoek.
  • Ze krijgen sneller een time-out dan Googlebot, dus een pagina die voor een mens uiteindelijk wel laadt, laadt voor een crawler misschien nooit.
  • Ze zien een fout als reden om de bron lager te prioriteren, dus één slecht verzoek weegt al mee in de vraag of de crawler nog een keer terugkomt.

Kinsta-klant Mekari liep hier tegenaan voordat het team het verband doorhad. Ze herleidden hun zwakke zichtbaarheid in de zoekresultaten tot een laag aantal crawlverzoeken en hoge serverresponstijden in Google Search Console.

Het analyseteam van Mekari legde het zo uit:

We concurreren op transactionele zoekwoorden. Als onze website niet makkelijk door Google-bots gecrawld kan worden, of dat nu door een trage responstijd komt of door een lange laadtijd, dan zijn we niet zichtbaar voor onze doelgroep.

Na de overstap naar Kinsta halveerde de serverresponstijd van Mekari bijna. De crawlverzoeken verdrievoudigden bijna en het zoekverkeer groeide met een derde. Dat kwam doordat het team op crawlergedrag reageerde en niet op contentwijzigingen.

Tot slot kunnen beveiligingsinstellingen voor dezelfde blinde vlek zorgen. Zet je instellingen aan om AI-crawlers te blokkeren vanwege bandbreedte of beveiliging, dan kom je niet meer in aanmerking voor een vermelding. Soms is dat de juiste afweging, maar het moet wel een bewuste keuze zijn.

Zo controleer je in MyKinsta of je klaar bent voor vermeldingen

MyKinsta brengt uptime, paginaprestaties en crawlertoegang samen in één dashboard. Hieronder lees je hoe je elk onderdeel gebruikt om een specifiek probleem met vermeldingen op te sporen.

Begin met uptime- en foutmonitoring

Een vermelding hangt af van het moment waarop een crawler toevallig langskomt, niet van de gemiddelde toestand van je site. Het interval tussen die controles telt daardoor zwaarder dan bij een menselijke bezoeker. MyKinsta controleert elke site tot 480 keer per dag, bij alle pakketten.

De schakelaars voor meldingen over sitemonitoring op de pagina Gebruikersinstellingen van MyKinsta.
De schakelaar voor meldingen over sitemonitoring vind je op de pagina ‘Gebruikersinstellingen’ van MyKinsta.

Zet monitoringmeldingen aan onder Gebruikersinstellingen > Meldingen. Zodra de monitoring na drie mislukte controles op rij een probleem signaleert, krijg je een e-mail.

Komt er een melding binnen, ga dan eerst naar Analytics > Respons. De uitsplitsing van responscodes laat zien of je te maken hebt met een 5xx-serverfout of een 4xx-probleem met een resource. Dat onderscheid vertelt je waar je moet zoeken, voordat je iets gaat veranderen.

Herleid trage pagina’s tot hun echte oorzaak

Een trage pagina kost je net zo goed een vermelding als een storing, alleen zie je het minder makkelijk. Komt er geen foutmelding en wordt er niets gemarkeerd, dan verliest de pagina het gewoon van een snellere bron die dezelfde vraag beantwoordt.

Met de APM-tool van Kinsta monitor je een periode van twee tot 24 uur. Terwijl de tool draait, reproduceer je het trage verzoek en lees je de resultaten in vier weergaven:

  • Transacties laat zien welke pagina of welk endpoint echt traag is, en niet een gemiddelde over de hele site dat het probleem verbergt.
  • WordPress splitst de vertraging uit per plugin en thema, zodat één slecht werkende plugin niet tussen de rest verdwijnt.
  • Database toont trage of herhaalde query’s, zoals een conflict tussen plugins of een overvolle optietabel.
  • Extern markeert API- en serviceaanroepen van derden, vaak de bottleneck op een pagina die er verder prima uitziet.
De APM-sectie in MyKinsta met de lijst met traagste databasequery’s, inclusief duur en waarden.
De APM-sectie in MyKinsta toont de traagste databasequery’s.

De oorzaak vinden is hier het belangrijkst, want een cache-oplossing en een code-oplossing lossen verschillende problemen op. Behandel je het ene als het andere, dan verspil je precies de tijd die je wilde besparen.

Controleer of AI-crawlers de site kunnen bereiken

De pagina Botbescherming in MyKinsta, met het paneel voor het beschermingsniveau naast de schakelaar ‘AI-crawlers blokkeren’.
De pagina ‘Botbescherming’ met het paneel voor het beschermingsniveau en de schakelaar ‘AI-crawlers blokkeren’.

De Botbescherming van Kinsta laat geverifieerde zoekmachinecrawlers als Googlebot en Bingbot altijd door. AI-crawlers krijgen die vrije doorgang niet automatisch. Je controleert dat hier dus liever dan dat je het aanneemt:

  • Met de aparte schakelaar ‘AI-crawlers blokkeren’ sluit je AI-crawlers in één keer volledig uit.
  • De categorie ‘AI-crawlers met buitensporige frequentie’ herclassificeert elke geverifieerde bot die ongewoon veel verzoeken genereert, waardoor die bij strengere beschermingsinstellingen een challenge krijgt.
  • De analyse van botverkeer splitst al je siteverkeer uit per categorie: geverifieerde bots, AI-crawlers, geautomatiseerd verkeer en waarschijnlijk mensen.

Wordt AI-crawlerverkeer geblokkeerd terwijl dat niet de bedoeling was, dan zie je dat terug in de verzoekuitsplitsing. Pas het beschermingsniveau aan of zet de instelling ‘AI-crawlers blokkeren’ uit, en controleer na 24 uur of het verkeer nu wel doorkomt. Zet de crawlerbelasting je serverresources echt onder druk, dan kan de blokkade juist de goede keuze zijn. Bekijk eerst de analyse van het botverkeer, zodat je weet wat je blokkeert voordat je beslist.

Deze drie controles samen vertellen je of je site er structureel klaar voor is om geciteerd te worden. Wat je hier tegenkomt, is een infrastructuurprobleem, geen contentprobleem. En de data uit MyKinsta laat je klanten gewoon zien; ze hoeven je niet op je woord te geloven.

Wat bureaus moeten zeggen tegen klanten die vragen waarom het verkeer stagneert

Bureaus voeren dit gesprek al in een of andere vorm, meestal rond zorgen over verkeer terwijl er trouw wordt gepubliceerd. Het eerlijke antwoord van jouw kant is dat merkvertrouwen al buiten de website om begint.

Bedenk hoe vaak een klant je merk via al die andere kanalen al heeft ‘ontmoet’, en bedenk dan waar die klant naar zoekt. Is jouw site of die van je klant traag of onbetrouwbaar, dan ondermijnt dat het vertrouwen dat elders hopelijk is opgebouwd.

Er zijn daarom drie vragen die je beter kunt meenemen naar een klantgesprek dan een rapport vol statistieken:

  • Waar wordt het merk vandaag genoemd en op welk platform?
  • Waar ontbreekt het merk en wat kost dat je?
  • Wat heeft de infrastructuur nodig om die gaten te dichten?

Adapting Social, een digital marketingbureau dat meer dan 50 klantsites beheert, brengt deze insteek mee naar zijn eigen klantgesprekken. Sinds het team standaard op snellere, betrouwbaardere hosting zit, ziet het bij veel klanten het zoekverkeer stijgen. Dat bewijst dat de technische helft van dit gesprek de cijfers net zo hard beweegt als de content.

Merkvertrouwen wordt opgebouwd in het ecosysteem en gaat verloren in de infrastructuur

Merkvertrouwen ontstaat nu al vóórdat mensen je website bezoeken. Je site is dus niet langer alleen de plek waar vertrouwen ontstaat, maar vooral de plek waar het wordt bevestigd.

Een site die traag is, af en toe onbereikbaar is of per ongeluk AI-crawlers blokkeert, zakt voor die bevestigingstest. Kijk daarom eerst of uptimemonitoring aanstaat, of een trage pagina je vermeldingen kost en of de instellingen voor Botbescherming doen wat je bedoelt, voordat je je contentstrategie herziet. Alle drie de controles kosten je in MyKinsta minder dan vijf minuten.

De Managed Hosting van Kinsta voor WordPress houdt uptimemonitoring, prestatie-infrastructuur en crawlertoegang als één laag bij elkaar, en niet als drie losse onderdelen die je apart moet beheren.

Joel Olawanle Kinsta

Joel is een Frontend developer die bij Kinsta werkt als Technical Editor. Hij is een gepassioneerd leraar met liefde voor open source en heeft meer dan 200 technische artikelen geschreven, voornamelijk over JavaScript en zijn frameworks.