Bij elke WordPress installatie op Kinsta heb je de mogelijkheid om een bijbehorende WordPress testomgeving op te zetten, die volledig losstaat van je live productiesite. Het is een geweldige tool voor het testen van nieuwe WordPress versies, plugins, code en algemeen ontwikkelingswerk. Het maken – en delen met je team – van een testsite kost slechts enkele minuten.

Bekijk je liever de videoversie?

Een WordPress testomgeving aanmaken

Het maken van een WordPress testomgeving is uiterst eenvoudig. In MyKinsta klik aan de linkerkant op Websites. Hier zie je een lijst met websites/installaties. Selecteer de site waarvoor je een testomgeving wilt maken, klik op de omgevingsselector naast de sitenaam en selecteer Staging in het vervolgkeuzemenu.

Veranderen naar je WordPress testomgeving in MyKinsta.
Veranderen naar je WordPress testomgeving in MyKinsta.

Klik vervolgens op de knop Maak een testomgeving aan.

Maak een Kinsta staging omgeving.
Maak een Kinsta staging omgeving.

Toegang tot je Staging omgeving

Wacht 10-15 minuten totdat de testomgeving is aangemaakt en de DNS op de juiste manier propageert. Je krijgt nu voor je testomgeving een apart configuratiescherm met informatie over je verbinding, DNS, backups, tools en plugins.

De URL structuur van je testomgeving volgt deze indeling:

https://staging-sitename.kinsta.cloud

Als je een oudere testsite hebt, kan je URL er in plaats daarvan als volgt uitzien:

https://staging-sitenaam.kinsta.com

Als SSL is ingeschakeld op je site, dan wordt SSL ook ingeschakeld op je testsite.

Ook kan je phpMyAdmin rechtstreeks vanuit MyKinsta opstarten. De URL-structuur van de phpMyAdmin van de testomgeving is als volgt:

https://mysqleditor-staging-naamsite.kinsta.cloud.

Kinsta staging omgeving in MyKinsta.
Kinsta staging omgeving in MyKinsta.

Een testomgeving verwijderen en vernieuwen

Als je je testsite moet verwijderen, ga dan naar Websites > Jouw site en schakel over naar de testomgeving. Scrol naar de onderkant van de pagina en klik op de knop De testomgeving verwijderen.

Bevestig in de modal/popup die verschijnt dat je begrijpt wat er zal worden verwijderd, typ de sitenaam in gevolgd door een streepje en het woord “staging” (SITENAAM-staging) in het daarvoor bestemde veld en klik vervolgens op de knop Omgeving verwijderen.

Een testomgeving verwijderen in MyKinsta.
Een testomgeving verwijderen in MyKinsta.

Om je testomgeving te refreshen, moet je deze verwijderen en een nieuwe aanmaken. Deze nieuw gecreëerde testomgeving bevat de meest recente versie van je productiedatabase en testbestanden. Als alternatief kan je een backup van je productiesite terugzetten naar een testomgeving.

Het live pushen van een testomgeving

Om je live site te overschrijven met je testsite, kan je de feature gebruiken die een testomgeving live pusht.

Een WordPress back-up naar een testomgeving herstellen

Het is eenvoudig om je WordPress site te herstellen vanuit een back-up en deze rechtstreeks naar je testomgeving te pushen. Bekijk hoe je een WordPress back-up naar een testomgeving herstelt. Opmerking: Bij het herstellen van een live back-up naar een testomgeving, blijven alle back-ups van deze testomgeving intact.

Een testomgeving opnieuw opstarten

Het kan voorkomen dat we een testomgeving moeten stoppen als onderdeel van het proces om een server te repareren. Als je merkt dat je testomgeving is gestopt en je een 501 not implemented of 502 foutmelding ziet bij het bezoeken van je site, dan kan je de testomgeving opnieuw opstarten door in MyKinsta naar de Info pagina van je site te gaan en daar te klikken op Start testomgeving te klikken.

Een testomgeving starten in MyKinsta.
Een testomgeving starten in MyKinsta.

Als je je testomgeving niet opnieuw kunt starten of de knop niet in MyKinsta ziet, open dan een nieuwe chat met ons supportteam voor verdere hulp.

Belangrijke opmerkingen over de testomgeving

Wanneer je gebruikmaakt van een testomgeving, zijn er een aantal belangrijke dingen waarop je moet letten.

1. Instellingen voor paginacache voor sites in de testomgeving

Vanwege het feit dat een testomgeving is bedoeld voor ontwikkelingsdoeleinden, foutopsporing en testen, zijn Kinsta’s paginacache en OPcache standaard uitgeschakeld. Als je snelheidstests uitvoert met je website in een testomgeving, dan zijn de gemiddelde laadtijden een stuk hoger vanwege het feit dat de pagina’s niet worden geleverd vanuit de cache. Als je caching wil inschakelen op een testomgeving, klik dan in MyKinsta op Cache inschakelen in de tools-pagina van je site. Als caching is ingeschakeld op een testomgeving, kan de knop Cache wissen worden gebruikt om de cache te wissen.

Caching inschakelen voor een testomgeving.
Caching inschakelen voor een testomgeving.

2. Inloggegevens testomgeving

Omdat de testomgeving een kopie is van je productiesite, zijn je inloggegevens voor je WordPress admin hetzelfde voor zowel je live site als de testsite, tenzij je deze wijzigt nadat je de testomgeving hebt aangemaakt.

3. SEO

Testsites hebben standaard indexering uitgeschakeld, zodat ze de SEO van je live productiesite niet schaden. Je kunt dit controleren door naar Instellingen > Lezen in het WordPress dashboard van je testsite te gaan. De optie om zoekmachines te ontmoedigen om de site te indexeren is aangevinkt naast Zichtbaarheid zoekmachines. Deze instelling voegt de volgende HTTP header toe aan je WordPress site. x-robots-tag:noindex, nofollow, nosnippet, noarchive

Indexering uitgeschakeld op testsite
Indexering uitgeschakeld op testsite

De tijdelijke URL’s (inclusief test URL’s) van Kinsta hebben ook een robot-uitsluitende X-Robots-Tag: noindex, nofollow, nosnippet, noarchive HTTP header, wat betekent dat de URL’s van staging-naamsite.kinsta.com niet worden geïndexeerd door de zoekmachines.

4. Plugins

Als je gebruikmaakt van planningplugins voor sociale media, zoals CoSchedule of Social Networks Auto Poster, dan raden we je aan om deze plugins te deactiveren op je testsite. De kans bestaat anders dat ze artikelen delen op sociale netwerken vanuit je test-URL, die er ongeveer zo uit zal zien: https://staging-naamsite.kinsta.cloud. Dit kan je analytics in de war brengen. De Jetpack plugin wordt automatisch in testmode uitgevoerd binnen testomgevingen van Kinsta. Je krijgt een bericht te zien: “Je gebruikt Jetpack op een testserver.” Terwijl je website zich in de testomgeving bevindt, fungeert je testsite op vrijwel alle manieren als je productiesite, behalve dat er geen gegevens worden doorgegeven aan WordPress.com en je de testsite niet kan loskoppelen (om problemen te voorkomen waarbij je productiesite schade oploopt.)

5. Noteer je login-URL

Als je een WordPress plugin gebruikt die je standaard inlog URL wijzigt, wordt het aangepaste deel van de URL gekopieerd naar de testsite. Voorbeeld: https://staging-naamsite.temp312.kinsta.cloud/jouweigenlogin

6. Testsites moeten alleen voor test- en ontwikkelingsdoeleinden worden gebruikt

De testomgeving mag uitsluitend worden gebruikt voor ontwikkeling en testen. Ze zijn niet bedoeld om te worden gebruikt als live productiesites en er zullen dingen zijn die niet goed werken. Kinsta is niet verantwoordelijk als je probeert om een testomgeving als live site te gebruiken.

7. Schijfruimte testomgeving telt niet mee voor pakket

Om je zoveel mogelijk ruimte te geven, hebben we testsites uitgesloten in onze berekening van je totale schijfruimte. Alleen live websites tellen mee voor je schijfruimteverbruik.

8. Cronjobs

Server cronjobs van de live omgeving zijn niet actief in de testomgeving, dus de cronjobs van de live site worden niet geactiveerd in de testomgeving. Bovendien, als je de crontab in je testomgeving wijzigt en de testomgeving naar je live omgeving pusht, zal het de crontab van je live omgeving overschrijven.

9. Multisite

Als je een WordPress Multisite netwerk gebruikt, kan het soms wel en soms niet werken met onze testomgeving – afhankelijk van je configuratie.

  • Als het een multisite is met een submap-opstelling (voorbeeld.nl, voorbeeld.nl/subsite1, voorbeeld.nl/subsite), werkt deze prima binnen onze testomgeving.
  • Als het een Multisite is met een subdomein-opstelling (voorbeeld.nl, subsite1.voorbeeld.nl, subsite2.voorbeeld.nl) werkt deze ook prima – op voorwaarde dat de subsites geen HTTPS vereisen.
  • Als het een multisite is met domeinmapping (verschillende subsites op volledig verschillende domeinen, bijv. voorbeeld.nl, voorbeeld1.nl, voorbeeld2.nl) werkt deze niet tenzij je zelf een boel aanpassingen verricht.
    • Optie 1: schakel domeinmapping uit en ga terug naar de standaardopstelling submap/subdomein. Voer handmatig een zoek-en-vervangopdracht uit in de database.
    • Optie 2: Stel een testomgeving in voor elk aparte live subdomein, voeg ze allemaal toe aan de testomgeving en voer handmatig een zoek-en-vervangopdracht uit in de database.